Dharma-onderwijs

Geen zelf, geen lijden, maar stille vreugde

Zondag 13 september 2025

Ik heb het de vorige week gehad over het uitstromen en laten terugvloeien van de aandacht. Wanneer de aandacht uitstroomt wordt er een ‘ik’ heel wat concreter, ons eigen ‘kleine ik’. En dat ‘ik’ wordt gevuld door de gedachten en emoties over waar onze aandacht naar toe stroomt. Dat kunnen soms zorgelijke dingen zijn, pijnlijke zaken, dat waar we angst voor hebben, wat ons stress veroorzaakt. Dus in het uitstromen ontstaat er een ‘ik’ die lijdt door het uitstromen.

Natuurlijk, onze aandacht kan ook uitstromen naar mooie dingen, naar vrolijke dingen, en dan is er een ‘ik’ die blij is, opgewonden. Die blijdschap en dat lijden wisselen elkaar af, we weten het allemaal. In die zin is er geen stabiele vrede, geen stabiele vreugde in dat uitstromen van onze aandacht en dat ‘ik’ wat daardoor concreet wordt in onszelf. Wanneer de aandacht terugvloeit, komt te rusten in onszelf, oplost in onszelf, lost ook dat kleine ‘ik’ op dat soms lijdt, soms blij is, soms gestrest, soms angstig, soms moedig, soms vrolijk of opgewonden.

Boddhakleur

Niet dat wij oplossen, het is eenvoudigweg dat ‘kleine ikje’, dat kleine ego dat oplost. En wat overblijft is een diepe vrede, een diepe stilte, een gewaarzijn van ‘wat is’ zonder dat er lijden in zit, zonder dat er een opgewondenheid of een emotie van blijdschap in zit.

Wel is er die stille vreugde van thuiskomen die zich uit in het gezicht van de Boeddha die een lichte glimlach maakt, een o zo lichte glimlach. Daarom zei de Boeddha ook dat er geen substantieel klein zelf is dat voortduurt en op zichzelf staat, anattā, de basis  van het boeddhisme. Tezamen met anattā komt dukkha, want alleen dit kleine zelf ervaart lijden, ervaart de stress, de onrust, de pijn, de vreugde, het komen en gaan van de dingen, verlies en winst, geprezen worden of verfoeid.

Maar laat de aandacht terugvloeien, laat de aandacht oplossen en daar is tijdloos gewaarzijn dat alles omvat. We zouden dit het ‘Grote Zelf’ kunnen noemen, maar aan elk woord kleeft het gevaar dat we er aan vast gaan houden. En je kan alleen maar de aandacht laten terugvloeien en oplossen wanneer we aan niets meer vasthouden, want vasthouden is het laten uitstromen van de aandacht naar een specifiek iets. Dus daar is de mooie paradox in onze beoefening: laat jezelf los, waardoor je jezelf vindt. Laat je kleine zelf los en vind het grote zelf. Laat het lijden los en vind de glimlach.

Niet dat uitstromen verkeerd is, niet dat er iets kwaads zit in dit ‘kleine ik’ van mij. We zouden de dag niet door kunnen komen, de dingen kunnen doen, als we niet aan van alles en aan anderen aandacht zouden geven. Dus er zit een prijs aan het laten uitstromen van de aandacht en neem die met liefde. Ben niet bang voor het lijden dat je soms ervaart, ben niet bang dat de vreugde en blijdschap van voorbijgaande aard zijn. Want weet dat er in de achtergrond altijd die vrede is, die stille vreugde die jouw ware natuur is.

Dus wanneer we dit goed begrijpen komen we nooit meer vast te zitten in het lijden, vast te zitten aan de wereld om ons heen, vast te zitten aan een ander, vast te zitten in onze mentale wereld of – en dat kan ik tegenwoordig toevoegen – vast te zitten in de digitale wereld, met alle gevolgen van dien.

Laat de aandacht steeds weer terugvloeien nadat je de aandacht hebt laten uitstromen. Vergeet niet in het zitten en gedurende de dag de aandacht weer naar jezelf te laten gaan. Even naar je buik, te verzachten, te ontspannen, die glimlach te maken op je gezicht. En dan eenvoudigweg even te zitten met aandacht voor niets, met geen-aandacht. Maar gewaarzijn dat grenzeloos ruim is, alles omvat en in zichzelf stil en vredig is .

 

*     *     *     *     *

 

"Ben niet bang voor het lijden dat je soms ervaart, ben niet bang dat de vreugde en blijdschap van voorbijgaande aard zijn. Want weet dat er in de achtergrond altijd die vrede is, die stille vreugde die jouw ware natuur is."

werd in 1990 in het Zenklooster Throssel Hole Buddhist Abbey in Noord-Engeland tot boeddhistische monnik gewijd en ontving vijf jaar later de Dharmatransmissie van zijn meester, eerw. meester Daishin Morgan, abt van het klooster. In 1998 werd hij een Dharmaleraar van de Orde en in oktober 2017 tot Zenmeester benoemd. Sinds begin januari 2005 woont en werkt hij in De Dharmatoevlucht