Van onbewuste naar bewuste verlichting
Wanneer we ‘s nachts slapen en we zijn in een droomloze slaap, dan rusten we van nature in onze ware natuur. Er is rust, er is een ontspanning van lichaam en geest. Wanneer we ‘s ochtends wakker worden verschijnt daarmee de wereld en verschijnt daarmee het ‘ik’ als persoon in die wereld. In die droomloze slaap ontbrak dat ‘ik’ en de wereld en dus was er niets om je druk of zorgen om te maken, niets om angstig voor te zijn, niets om uitgelaten over te zijn, er zijn geen verlangens, er is eenvoudigweg pure aanwezigheid. Maar zonder een wereld en zonder een ‘ik’.
Wanneer ‘s ochtends de wereld en het ‘ik’ verschijnt, zijn daar ook vanzelf weer de zorgen, de stress, de blijdschap, het verdriet, het hele scala aan emoties en gedachten die de wereld bij dat ‘ik’ als persoon in die wereld oproept. En voordat we het weten raken we daarin volledig verloren en zijn we niet bewust van onze ware natuur.
Dat rusten in onze ware natuur tijdens een droomloze slaap wordt soms ook ‘onbewuste verlichting’ genoemd. En wanneer we in het dagelijks leven verloren raken in onze emoties en gedachten, blijven we onbewust van onze ware natuur, onze verlichte natuur.
Onze beoefening is er één om onbewuste verlichting tot bewuste verlichting te brengen. En dat doen we door als het ware de staat die er is wanneer we in een droomloze slaap zijn te spiegelen in ons dagelijks leven. Wat ik daarmee bedoel is die staat van ontspanning en rust. Hoe meer we betrokken raken bij negatieve gemoedstoestanden en negatief denken, hoe moeilijker het is om te ontspannen, te verzachten, te rusten in onszelf. Het is voor die reden dat de leefregels er zijn in het boeddhisme. Want het breken van de leefregels resulteert in een leven van onwetendheid. Onwetendheid van onze verlichte natuur. Dus we mediteren en oefenen met de leefregels om in deze wereld - hoe hij ook is - te reageren met vriendelijkheid, met zachtheid, met geduld en vrijgevigheid. (Soms ook de paramita’s genoemd.)
Daarom hoeven we ons ook niet zo’n zorgen te maken over de staat van de wereld en zelfs de staat van onszelf. Want elk moment is een uitnodiging om onbewuste verlichting om te vormen naar bewuste verlichting. Die verlichting, die ware natuur, is niet afhankelijk van wat zich voordoet. Het is altijd aanwezig, maar wanneer de wereld en het ‘ik’ zich manifesteert, alleen maar in de achtergrond. Onze aandacht zit dan bij wat in de voorgrond verschijnt. Maar wanneer we ontspannen, verzachten, de blik naar binnen keren - om het zo uit te drukken-, de blik naar de achtergrond te brengen, zien we dat er die verlichte natuur is van rust en stilte en een stille vreugde, ongeacht hoe de wereld zich in elk moment manifesteert.
En die wereld verdwijnt ook weer en dat ‘ik’ wanneer we naar bed gaan en in een droomloze slaap terecht komen. Hoe druk je je ook hebt gemaakt over wat gaande is, hoeveel stress je ook hebt ervaren over wat gaande is, het moment dat je in een droomloze slaap terecht komt is er weer dat natuurlijke rusten in je verlichte natuur. Dus je ware natuur is nooit ver weg, wat er ook gebeurt. Het is slechts in de achtergrond om in een droomloze slaap weer naar de voorgrond te keren.
Maar in een droomloze slaap kunnen we daar niet bewust van worden. We hebben in die zin het dagelijks leven, het leven van vorm, nodig om onbewuste verlichting naar bewuste verlichting te brengen. Dus gebruik elk moment, elke dag optimaal. Gebruik je leven hiervoor je ware natuur te realiseren. Te beseffen dat jouw geest de boeddhageest is. Dat inzicht komt niet alleen jou ten goede. Het komt de ander ten goede en de wereld. Want jouw daden zullen dat inzicht tot uitdrukking brengen in je geduld, je liefdevolle vriendelijkheid, je vrijgevigheid, je aandacht, je oefening.
* * * * *
"Onze beoefening is er één om onbewuste verlichting tot bewuste verlichting te brengen. En dat doen we door als het ware de staat die er is wanneer we in een droomloze slaap zijn te spiegelen in ons dagelijks leven. Wat ik daarmee bedoel is die staat van ontspanning en rust."
