De donutmetafoor
Onze beoefening is een pad, is een reis naar ‘dat wat we waarlijk zijn’, naar de essentie van ons bestaan. Het wordt in het boeddhisme soms de Werkelijkheid genoemd of de Waarheid. Het is een pad die we lopen en die tijd vraagt.
In alle teksten die over de beoefening zijn geschreven, alle woorden die zijn uitgesproken over de beoefening, de Dharma zelf is als een wegwijzer. Maar om de Werkelijkheid, de Waarheid te realiseren zullen we zoals Zenmeester Dōgen zegt: “alle boekenwijsheid op moeten geven.” En met boekenwijsheid bedoeld hij alle kennis die we in ons leven hebben vergaard door te luisteren naar anderen, te lezen. Zelfs het denken over wat de Werkelijkheid zal zijn, of moet zijn, zullen we moeten opgeven want Werkelijkheid is als een stille leegte, vrij van alle woorden, van alle concepten.
Ik kwam een tijd geleden een woord tegen dat hier betrekking op heeft en het wordt de donutmetafoor genoemd. En de donutmetafoor zegt: ons denken en streven cirkelt rond een centrum dat zelf leeg blijft. Onze woorden, onze concepten wijzen ons de weg, maar uiteindelijk cirkelt het er omheen, om de Werkelijkheid, de Waarheid. We kunnen alleen de Werkelijkheid, de Waarheid instappen als we stil worden en ons denken tot rust brengen, de geest tot rust brengen door te verzachten, te ontspannen en te beseffen dat geen enkele activiteit ons tot de Waarheid kan brengen. Sterker nog, al ons denken is een afleiding daarvan. Want ons denken creëert zijn eigen beelden en soms zijn eigen waarheid.
Dat centrum van de donut is leeg, maar zo is het niet in onze beoefening. Misschien is de metafoor van de draaikolk in het water wel beter. Zolang we het water blijven rondspinnen, ontstaat er een trechtervormige leegte in het water. Maar stop met dat ronddraaien van dat water en de draaikolk lost op, het vult zich met dat heldere water waar je je hand doorheen kan halen, maar wat je niet kan vasthouden. Het water zelf is helder en leeg van wat we zouden kunnen noemen ‘vertroebelingen’. Het is doorzichtig, sprankelend. Onze Ware Natuur is als dat heldere water, leeg van vertroebelingen, helder, sprankelend.
De hele wereld deelt diezelfde Natuur, dus daarom hoeven we niet bang te zijn in het loslaten. Wij zijn al die Natuur, die Werkelijkheid, die Waarheid. En wanneer we onszelf ten diepste kennen, kennen we ook de ander en de wereld, tenminste hun essentie. En kunnen we daarmee omgaan zoals we met onszelf omgaan, met aandacht en mededogen, met een besef van het wonderbaarlijke dat niet is uit te drukken in woorden.
Dus verzacht en ontspan, laat je zelf stil worden. En als het behulpzaam is breng je aandacht van hoofd naar hart naar buik en laat de aandacht daar rusten, ter hoogte van de handen. Laat de aandacht heel licht worden zodat je samenvalt met je kussen of bankje, met de ruimte waarin je zit, met de wereld waarin je bent.
En dan zit met geduld. Het vraagt geduld om de geest stil te laten worden. Om die cirkel van leegte en licht, ruimte, helderheid en stilte binnen te treden. Om je Ware Zelf binnen te treden. Maar waarom zou je ongeduldig zijn? Je bent het al. Dus geef dit alles ook een lichte glimlach. Streven hier is niet op zijn plek, er is niets te behalen anders dan wat je waarlijk bent.
* * * * *
"We kunnen alleen de Werkelijkheid, de Waarheid instappen als we stil worden en ons denken tot rust brengen, de geest tot rust brengen door te verzachten, te ontspannen en te beseffen dat geen enkele activiteit ons tot de Waarheid kan brengen. Sterker nog, al ons denken is een afleiding daarvan. Want ons denken creëert zijn eigen beelden en soms zijn eigen waarheid."
