Sekito Kisen

Sekito Kisen

Shitou Xiqian (Japans: Sekito Kisen, 700–790)[/caption]

Het wezen van Indiaas grote Wijze is vertrouwelijk van mens tot mens overgedragen van west naar oost.
Mensen zijn scherp en traag van begrip maar de Weg kent geen onderscheid tussen meesters uit het noorden of het zuiden.
De bron van de geest kan gekend worden in het licht van gewaarzijn, en verspreidt zich onherkenbaar in alle verschijningsvormen.
Vasthouden aan wat voorbij gaat is dwaling maar in de leegte van de dingen opgaan is nog geen verlichting.
Alle waarneembare dingen zijn wederzijds afhankelijk en onderling verweven, en staan toch in unieke eigenheid op zichzelf.
In samenkomen transformeren ze, anders blijven ze zoals ze zijn.
Zodra er vorm verschijnt heb je variatie in beeld en materiaal, en is er geluid dan is het fijn of onplezierig.
‘Duisternis’ is een woord voor waar verschillen er niet toe doen; in het licht van gewaarzijn kan helder worden onderscheiden.
De vier elementen van al het bestaan vallen steeds uiteen en komen voortdurend samen, net als een kind terugkeert naar zijn moeder.
Vuur verwarmt, wind beweegt, water maakt nat en aarde klontert samen.
Ogen zien vormen, oren horen geluiden, de neus ruikt geuren en de tong onderscheidt zure en zoute smaak.
Aldus verschijnt elk en iedere ervaring net zoals bladeren ontspruiten, afhankelijk van de wortels.
Oorzaak en gevolg delen dezelfde essentie; ‘spiritueel’ en ‘alledaags’, alles spreekt de Dharma.
In licht is er duisternis maar zie de duisternis niet als strijdig aan het licht.
In duisternis is er licht maar beschouw ook het licht niet als strijdig aan de duisternis.
Licht en duisternis werken als een paar, net als de twee voeten bij het lopen.
Alle dingen hebben van zichzelf grote waarde en verhouden zich tot al het andere in hun functie en plaats.
Ze gaan samen met de bron zoals een deksel op een doos past.
De bron stemt overeen met alle verschijningsvormen, zoals twee pijlen elkaar treffen in de lucht.
Wanneer je deze woorden hoort, begrijp waar naar ze wijzen en maak ze niet tot eigen maatstaf.
Als je de Weg niet kent door direct zintuiglijk ervaren, hoe kan je dan weten waar het pad ligt om te lopen?
Voortgaan op de Weg laat ‘ver’ en ‘dichtbij’ vervagen, verwarring creëert de bergen en rivieren die je weg versperren.
Dit is mijn advies aan wie zoekt naar diepe waarheid: verspil geen tijd!