Uit: Zittend Boeddha, hoofdstuk 5


Regelmatig zazen doen lijkt niet spectaculair, toch leidt het langzaam maar zeker tot verreikende veranderingen.

Het hele, prachtige proces waarin onze geest wordt bevrijd van z’n kwellingen, is een levenslange onderneming. Het moet diep doordringen in alle gebieden van ons leven, inclusief werk, gezinsleven en vrije tijd. De meeste mensen staan onder grote druk en leven met veel spanningen, wat moeilijk kan zijn. Nu gaat het er niet om dat je al deze elementen tegen elkaar afweegt en daar je meditatiepraktijk aan probeert toe te voegen. Het helpt meer als je inziet hoe centraal de training hierin staat en hoe je creatieve manieren kunt vinden om te midden van de problemen te trainen. En natuurlijk zal je wat ruimte en tijd moeten vrijmaken, want hoe goed je ook wordt in de informele aspecten van zazen, er is geen vervanging voor het formele zitten.

Een dagelijkse routine

Het is zeer behulpzaam om als fundament van het dagelijks leven een regelmatige routine van meditatie te hebben. Het monastieke leven kent een heleboel routine, deels omdat er veel training nodig is om de meer hardnekkige problemen uit te roeien en om ze zelfs maar te kunnen zien. De waarde van routine is dat je gewoon gaat zitten als het tijd is om te gaan zitten zonder dat gedoe van “zal ik wel, zal ik niet” want meestal hebben we meer dan genoeg excuses om niet te gaan zitten. Op deze manier kan gewoonte je helpen.

Ideaal is om ‘s morgens na het opstaan te mediteren en ‘s avonds weer. Bij een normale gang van zaken en als je eenmaal gewend bent aan zazen, kan je tamelijk gemakkelijk een half uur achtereen zitten en het is goed om daarnaar te streven. Maar ik raad je aan om met jezelf een minimale afspraak te maken, waarvan je weet dat je die altijd kunt nakomen ongeacht de situatie. Dus ik stel voor om alleen maar met jezelf af te spreken dat je tweemaal per dag zult mediteren. Als je denkt dat je een half uur moet zitten, kun je jezelf gemakkelijk wijsmaken dat je geen tijd hebt of te moe bent en natuurlijk kan dat soms waar zijn. Er is geen excuus als je maar een paar minuten hoeft te zitten. Het moeilijkste is om ook werkelijk te gaan zitten. Maar als je eenmaal zit, kan je meer aan dan je misschien zou verwachten. Verleng langzaam maar zeker de duur van je meditatie in plaats van jezelf onrealistische doelen te stellen.

Het helpt om een vaste plek te hebben voor je meditatie, een hoek van de slaapkamer of een ander rustig plaatsje. Als je een Boeddhabeeldje hebt, wat bloemen, een kaars en wierook, kan dat veel helpen. Houd deze plaats schoon en netjes, vooral het altaar als je dat hebt.

Iedereen ervaart wel eens dat de geest soms het zitten uit de weg gaat omdat hij zich verveelt of niet op zijn gemak is. Dit zijn goede momenten om door te zetten en letterlijk door die gevoelens heen te zitten zodat zij niet de overhand krijgen. Eén van de regels in ons klooster is om niet te wiebelen of friemelen tijdens de meditatieperiodes. Als je moet bewegen om beschadiging van je lichaam te voorkomen, doe dat dan, vooral als je een nieuwe houding uitprobeert. Je stoort anderen niet als je stilletjes een andere houding aanneemt of een poosje je knieën optrekt en daarna weer in je zazenhouding gaat zitten. Onrustig bewegen of om de haverklap verschuiven is een andere zaak. Niet stil kunnen zitten komt voort uit een rusteloze geest. We krabben aan ons gezicht, schuifelen met onze voeten en zuchten of maken een eindeloos aantal andere kleine bewegingen in plaats van ons toe te leggen op zazen. Het helpt om je voor te nemen om niet te bewegen en dan hoef je niet te krabben, zelfs niet als je ergens jeuk krijgt. Dit is een heel belangrijk punt. Wij worden aan zoveel kriebels ‒ letterlijk en figuurlijk ‒ blootgesteld, dat leren om er niet op te reageren en het vermogen ontwikkelen om er stil mee te zitten essentieel is voor je vrijheid. Zolang we bij elke kriebel moeten krabben, zijn we een slaaf. In plaats daarvan kunnen we rustig het gevoel van de jeuk waarnemen en dan gaat het snel over.

Het is aan ieder van ons om creatieve manieren vinden om zazen in de praktijk te brengen. Als mensen naar het klooster komen en al onze formele gebruiken zien, kunnen zij ten onrechte denken dat zij het thuis ook zo moeten doen. Deze vormen zijn er om ons te helpen de geest van training te ontdekken, zodat we op weg kunnen gaan en die geest kunnen toepassen in iedere situatie die we tegenkomen. We hoeven daar niet strak in te zijn. Zazen, op een goede manier gedaan, leidt tot een flexibele geest.

Regelmatig zazen doen lijkt niet spectaculair. Toch zal je merken dat het langzaam maar zeker tot verreikende veranderingen leidt. Jouw besluit om te trainen laat zien wat in jouw leven belangrijk is. We kunnen allerlei ideeën hebben, maar als het echt aankomt op het veranderen van je leven gaat er niets boven het ook werkelijk in praktijk te brengen. Het helpt enorm als je een tempel in de buurt hebt of een meditatiegroep waar je met anderen kan zitten. Hoe je ook traint, het is belangrijk om van tijd tot tijd met een gekwalificeerde leraar te overleggen. Zelfs als je de indruk hebt dat alles goed gaat, is het nog steeds een goed idee, omdat het zo gemakkelijk is jezelf voor de gek te houden of omdat je sommige wegwijzers in de training verkeerd begrijpt.

Je pogingen om regelmatig te mediteren moeten niet ontaarden in een oorlog waarin jij vecht voor ruimte en tijd om te mediteren. Onzelfzuchtigheid behoort tot de kern van zazen. Maar misschien moet je goed nagaan hoe je je tijd doorbrengt. Als je een relatie hebt, praat dan met je partner over je wens om te mediteren. Het kan hem of haar een gevoel geven buitengesloten te worden en dat kan inderdaad zo zijn als je het verkeerd aanpakt. Het helpt natuurlijk als jullie beiden willen zitten, maar kijk uit voor pogingen om je partner te bekeren. Als je vindt dat meditatie jou helpt en je leven verandert, is het normaal dat je het wilt delen, maar de ijver van de nieuwe beoefenaar kan het beste naar binnen gericht worden om je eigen praktijk gaande te houden. Als dat jou positief verandert, dan is dat de beste reclame. Zoek een weg die goed is voor jouw situatie.

Meditatie in activiteit

Als je zit, zit dan; als je werkt, werk dan. Met andere woorden: het gaat erom dat je je aandacht bij je werk houdt. Vaak wordt dit aandachtstraining genoemd. Langzaam maar zeker kan je dat op al je activiteiten toepassen. Je kunt alleen werkmeditatie doen als je bereid bent om wat je doet met volledige aandacht te doen. Als iets goed is om te doen, dan is het de moeite waard om je er helemaal aan te wijden; is het niet goed om te doen, doe het dan niet. Dit is de sleutel tot een rijk leven. Probeer echter net als bij de formele meditatie niet de hele tijd jezelf bewust te blijven van je eigen opmerkzaamheid. Als je dat doet, probeer je eigenlijk twee mensen tegelijk te zijn: degene die werkt en degene die de werker gadeslaat. In mijn ervaring kan je het ‘t beste maar aannemen dat je mediteert, om het even waarmee je bezig bent, tenzij je ziet dat dat niet zo is. In dat geval breng je jezelf terug naar waar je mee bezig was. Dat kun je het gemakkelijkst leren als je eenvoudige dingen doet zoals naar je werk lopen, het huis schoonmaken of de tuin wieden. Als je erg verstrooid raakt, helpt het om even te stoppen en stil te staan of te zitten en jezelf te gronden zoals beschreven in hoofdstuk 2. Maak je niet kwaad en foeter jezelf niet uit, dat maakt het probleem alleen maar groter. Als je merkt dat je geest afdwaalt, ben je alweer terug bij jezelf. Op dat moment gaat het er om dat je bereid bent om waar je ook aan denkt te laten gaan en om alleen aandacht te hebben voor waar je mee bezig bent. Het is een misvatting om te geloven dat monotoon werk makkelijker wordt als je ergens anders aan denkt. Het enige wat dat oplevert, is dat je niet echt leeft. Je kunt jezelf enorm helpen door slechts één ding tegelijk te doen. Zet de radio uit als je leest of eet. Als je naar muziek luistert, doe dat dan met je volle aandacht en gebruik het niet als een verdovend middel. Monotoon werk doen is een bijzonder waardevolle meditatieoefening. Al moet je dringend tien dingen doen: je kunt er altijd maar één tegelijk doen, ook al ga je nog zo snel van de ene klus naar de andere.

Het helpt als je je zintuigen enigszins beteugelt. Als je bijvoorbeeld in een supermarkt staat te wachten bij de kassa, laat dan je geest niet afdwalen; blijf erbij. Misschien trekken de koppen van de tijdschriften in het rek je aandacht ‒ daar zijn ze expres voor ontworpen ‒ maar je hoeft dat spel niet mee te spelen. Het is een prima plek om staande meditatie te doen.

Je kunt aandachtig blijven bij alles wat je doet, ook bij leuke activiteiten. Het is goed om van dingen te genieten. Een leven van training houdt in dat we ons inzetten voor het welzijn van alle wezens en we moeten niet vergeten dat wij één van die wezens zijn. Als we niet goed voor onszelf zorgen, wordt het een stuk moeilijker om door te gaan. Wat tijd nemen om te ontspannen en een beetje bij te komen helpt om aan ons doel te beantwoorden. Door zazen zouden we meer moeten gaan genieten van alles wat het leven te bieden heeft.

Interactie met anderen is een essentieel onderdeel van de training. Het is een gelegenheid om onszelf te zien op een manier die we misschien nooit zouden ervaren als we alleen maar mediteren. Het toont het ons directer dan wat dan ook al die aspecten van onszelf waar we aan moeten werken. Dus wees niet zo vormelijk dat je niet meer kunt lachen met je collega’s. We zijn veel doorzichtiger dan we vaak denken en toch proberen we een façade op te bouwen waar vrijwel iedereen dwars doorheen kijkt. Het geeft een geweldige opluchting als we stukje bij beetje wat van die schijn kunnen laten vallen.

Het is belangrijk om bescheidenheid te ontwikkelen. Daarmee bedoel ik bereid te zijn om te erkennen dat we soms iets niet weten en om daar vrede mee te hebben. We worden geen betere mensen door het vergaren van kennis of van wat dan ook. Hoeveel is genoeg? Zij die hunkeren naar zekerheid, liefde, erkenning en respect moeten zich wel ontoereikend voelen, omdat hoeveel ze ook krijgen, ze toch steeds meer nodig hebben. Het succes van gisteren is een aardige herinnering, maar vandaag willen we weer succes hebben. Hetzelfde geldt voor geruststelling en voor alles waar we verder nog naar verlangen. Het zijn allemaal symptomen dat we onze ware natuur niet kennen. Maar onze ware natuur kennen betekent niet dat we alles weten. Als we gegrond zijn in onze eigen natuur kunnen we nederig zijn zonder onszelf te denigreren.

We kunnen in ons werk evenals in andere gebieden van ons leven gedreven worden door het gevoel dat we niet helemaal voldoen. Veel mensen hebben het gevoel dat ze een gat in zich hebben. Dit kan gebeuren als we geloven dat we niet compleet zijn zonder een bepaald ‘iets’. Het komt veel voor dat mensen denken dat de relatie met hun ouders niet goed genoeg was, dat er niet genoeg van ze gehouden werd om wie ze waren en die nu deze leemte wanhopig willen vullen. Dit vormt een spiritualiteit die gevoed wordt door tekortkomingen of door het verlangen naar wat we missen, in plaats van goed te kijken naar wat we wel hebben. Het kan best zo zijn dat je als kind te weinig liefde hebt gekregen, maar er is geen weg terug. We moeten accepteren hoe dat voelt en ophouden anderen of onszelf de schuld te geven voor deze situatie en de rijkdommen gaan zien die nu voor ons liggen. Mettertijd zul je gaan inzien dat je compleet bent samen met het hele universum. Niets uit je verleden kan je ervan weerhouden de ware natuur te leren kennen, mits je bereid bent te veranderen.

Stress in het dagelijks leven komt tegenwoordig veel voor en het niet kennen van onze ware natuur draagt daar toe bij. Hoewel het goed is om na te gaan of die stress verminderd kan worden door het veranderen van de werkomgeving en -cultuur, gaat het er voornamelijk om te ontdekken wat je werkelijk drijft.

Denkmeditatie

Wij moeten de juiste relatie met ons denkvermogen zien te krijgen. Denken op zich is een prachtige eigenschap van de menselijke geest, maar we hebben de neiging het te veel te doen en daarom spreek ik zo vaak over de beheersing ervan. Denken is niet de vijand ‒ we moeten alleen leren hoe we het gebruiken. Er is hier sprake van twee niveaus. Het eerste zou je kunnen zien als het niveau van het gezond verstand. Je kunt het denken hier zien als een fysieke taak zoals bijvoorbeeld een maaltijd bereiden. Concentreer je op de taak die voor je ligt, besluit wat je precies moet doen en ga aan de slag. Als je gedachten afdwalen naar niet relevante zaken en je wordt je daarvan bewust, breng je je aandacht terug naar waar je mee bezig was. Luisteren naar jezelf is essentieel. Gedachten zijn mentale objecten die langskomen. Zie ze en gebruik ze en besef dat voor de denker gedachten dingen zijn. Je gedachten zijn niet jezelf noch zijn ze gescheiden van jou. Als je luistert naar je gedachten, let dan goed op waar ze gaan afdwalen en breng jezelf terug door jezelf opnieuw te gronden. Misschien moet je even pauzeren en de benen strekken. Als ik aan het schrijven ben, merk ik dat ik veel tijd verspil als ik niet regelmatig even stop. Als je gewaarzijn zich ontwikkelt, zal je merken dat je denken helderder en meer geconcentreerd wordt. Het probleem zit in het ongebreidelde denken dat je alle kanten opstuurt.

Als zazen zich verdiept, komen we op een niveau waarop gedachten en zazen één zijn. Je kunt dit zien als een activiteit en manifestatie van de zuivere geest. Dit kan echter niet goed worden begrepen als we onze ware natuur nog niet hebben gerealiseerd en kan alleen in de praktijk worden geleerd. Als onze praktijk zich verdiept, zal denken als uitdrukking van de ware natuur zich op natuurlijke wijze manifesteren, maar ook dit is een gebied waar contact met een leraar van onschatbare waarde is.

Hier moet worden gewezen op ons vermogen om veel meer van een situatie te bevatten door niet te denken dan door wel te denken. Ik verwijs hier naar de open geestestoestand in zazen die in iedere situatie eenvoudigweg ontvankelijk is.

Het belang van niet weten

Denken is het opnieuw bewerken van informatie. Logica is nuttig bij het opsporen van tegenstrijdigheden en onjuistheden, maar kan alleen werken met gegevens die er zijn. In zazen laat je alle weten achter je. Dit is heel wat anders dan onwetendheid. De geest van zazen staat open voor wat is, is ontvankelijk en bereid om alles te zien wat komt in welke vorm dan ook. Als we voor een moeilijke keuze staan, is het heel belangrijk om alleen maar te luisteren – naar de situatie, haar nuances, vibraties, het algemene gevoel. Dit laat ons zowel de pijn en het verdriet zien die misschien een rol spelen, als de aspecten van mededogen en wijsheid die er zijn.

Als ik twee mogelijke opties bekijk en probeer uit te maken welke de juiste is, moet ik bereid zijn om beide te doen én geen van beide te doen. Hiertoe bereid te zijn verschaft helderheid. Ik kan zo oog in oog komen te staan met mijn onwil om los te laten en mocht dat het geval zijn, weet ik dat het beste dat ik kan doen is er stil mee te zijn. Als ik stil ben met mijn onwil om te geven zal die onwil oplossen en vaak kan ik dan zien wat ik moet doen. Als iemand in het klooster storend gedrag vertoont, moet ik bereid zijn om de situatie te blijven tolereren én ik moet bereid zijn hem of haar te vragen weg te gaan. Als ik niet bereid ben één van die wegen in te slaan, dan beïnvloedt mijn onwil mijn vermogen om te zien wat goed is. Ik vind het ook belangrijk om te weten dat er vaak andere oplossingen zijn die tot dusverre niet in mijn beperkte verbeelding waren opgekomen.

Een standaardadvies in counseling is om niet die expert te zijn die klaar staat met een verzameling oplossingen voor elk probleem. Luister liever met een open hart en een diepe, barmhartige acceptatie. Dring niet jouw inzichten en maatstaven op. Luister naar en hoor de persoon omdat die meestal zelf in staat is om de weg voorwaarts te ontdekken, mits hij of zij daarvoor de ruimte krijgt. Wij kunnen hetzelfde principe toepassen op onze eigen problemen. Het probleem kan op de cliënt in counseling lijken ‒ het draagt de eigen oplossing in zich, als wij leeg genoeg willen zijn om het te ontvangen. Er is nooit een oplossing die alle moeilijkheden laat verdwijnen en toch kunnen we de volgende stap zien die we moeten nemen. Vaak is dat op dit moment niets anders doen dan geduld oefenen.

Luistermeditatie

Het is in de interactie met anderen van wezenlijk belang om te kunnen luisteren; je kunt het vergelijken met ons vermogen om stil te zijn en onszelf te horen. Als mensen voor retraites naar het klooster komen, wordt hen vaak gevraagd om tijdens de werkperiodes in de keuken te helpen. De kok geeft hen soms een hele specifieke taak en laat hen zien hoe hij het gedaan wil hebben. Nogal wat mensen vinden het moeilijk om de aanwijzingen te horen en die dan op te volgen zonder vragen te stellen of suggesties te geven hoe het beter kan, of ze worden geheel en al in beslag genomen door hun eigen lijden. In zazen is het niet zo dat er aan iets gehoor gegeven moet worden, zoals de aanwijzingen van de kok. ‘Horen’ in zazen is gevoelig zijn voor de zuivere geest en te onderscheiden wat goed is om te doen, net zoals het in praktische situaties belangrijk is dat je hoort welke aanwijzingen gegeven worden. Zijn we bereid om te dienen of moeten we eerst de baas zijn voordat er iets gedaan kan worden?

Luisteren is vaak erg moeilijk omdat het pijn met zich meebrengt, onze eigen pijn of die van een ander. In het boeddhisme zijn er personificaties van verlichtingskenmerken, die bekend staan als de Grote Bodhisattva’s. Zo is er Manjusri die wijsheid symboliseert en Avalokiteshwara die mededogen vertegenwoordigt. Zij is ook bekend als Kanzeon in Japan en als Kuan Yin in China en onder de Bodhisattva’s is zij de meest populaire. Zij is geen god of goddelijk wezen, al wordt zij door sommigen zo behandeld. Voor mij laat Kanzeon de barmhartige natuur van het universum zien. Een aspect van Kanzeon is dat elk probleem zijn eigen oplossing in zich draagt. Zij verschijnt in elke denkbare vorm om ons de betekenis van mededogen te laten zien. Kanzeon is de kok van het klooster, onze moeder, de ambtenaar die dwars schijnt te liggen en de opdringerige bedelaar. Maar je moet er oog voor hebben om haar in al die vermommingen te zien. Haar specialiteit is luisteren en één van haar namen kan worden vertaald als ‘Zij die het huilen van de wereld hoort’. Omdat zij het vermogen heeft om de ware aard van lijden te zien, kan zij naar al die ondraaglijke pijn luisteren zonder er zelf aan te bezwijken. Zij kan voorbij vastklampen, twijfel, angst en wanhoop kijken naar de ware aard van elk levend wezen en van het leven zelf, wetend dat zij alle pijn kan absorberen en kan laten oplossen. Hoewel Kanzeon onze pijn in zich opneemt als wij haar aanroepen, zal dat slechts een tijdelijke verademing zijn totdat wij haar barmhartige hart in onszelf vinden. Dan hebben we onze ware natuur gevonden.

Zazen leren is leren ons lijden te laten opkomen en te laten gaan. Als we dat doen, kunnen we het lijden zien op een manier die onmogelijk is als we erdoor beheerst worden. Kanzeon wordt niet tot wanhoop gedreven door de smart die zij hoort noch loopt zij er voor weg. Zij blijft in haar ware natuur, in haar barmhartige hart, en heeft geen gebrek aan kracht. Als mensen raken we uitgeput, maar zelfs de uitgeputte geest behoudt haar barmhartige natuur. Soms kunnen we uitdrukking geven aan de barmhartige geest door te rusten wanneer dat mogelijk is en door bereid te zijn verder te gaan wanneer dat gevraagd wordt.

Hoe meer we leren stil te zitten, hoe meer we kunnen horen, omdat we niet langer bang hoeven te zijn voor het lijden of het uit de weg hoeven te gaan. Dit soort vrijheid komt langzaam maar zeker als we trainen. Kanzeon hoort eenvoudigweg. En in het horen zelf ligt het antwoord dat we nodig hebben. Zo beantwoordt zij elke roep. We kunnen vaak niets doen wanneer we geconfronteerd worden met lijden en dat vinden we moeilijk. Dat komt omdat we denken dat wij iets van ‘mij’ aan de situatie moeten toevoegen, maar Kanzeon voegt niets toe en toch verbreidt haar invloed zich in alle windrichtingen. Hoewel er gevoelens zijn die gepaard kunnen gaan met mededogen, is mededogen niet een gevoel. Het is activiteit die ontspruit aan de geest van zazen.

Politiek en sociaal handelen

Als burgers hebben wij de verantwoordelijkheid om te stemmen, om in zekere mate op de hoogte te blijven en om in te zien dat kwaad aangericht kan worden als we het niet willen zien en als we niets doen wanneer het verschijnt. Als lid van onze gemeenschap hebben we de plicht ons in te zetten voor het welzijn van anderen. Sommigen doen dat door in de politiek te gaan. Politici zijn een makkelijk doelwit voor ons cynisme. Persoonlijk ben ik dankbaar dat er mensen zijn die zo’n moeilijke taak op zich willen nemen. Net als wij, worden politici beïnvloed door hun angsten en verlangens en enig eigenbelang van hun kant zou ons dan ook niet moeten verbazen. Als wij daar zelf vrij van zijn, dan pas mogen we dat van onze politici verwachten. We moeten hen rekenschap vragen voor wat zij doen, maar laten we ons onthouden van smalend oordelen. Het is een mythe dat politici alleen maar dat werk doen voor eigen gewin. We zouden hun oprechte wens om dienstbaar te zijn moeten erkennen, zelfs wanneer er misschien ook andere motieven meespelen.

Het kost heel veel moeite om in deze wereld iets gedaan te krijgen. Het werven van fondsen, mensen overhalen om ergens aan mee te doen, je weg vinden in al die regels en eindeloze details, dat vraagt een groot doorzettingsvermogen. Het is een enorm geschenk aan de gemeenschap als iemand bereid is niet alleen maar mee te liften, maar soms ook uitstapt en de kar helpt trekken. Mensen die dat doen, verdienen onze waardering.

Het boeddhisme is een voorstander van geweldloosheid, maar is niet pacifistisch ‒ althans, zo zie ik het, hoewel anderen daar anders over kunnen denken. Wel duidelijk is echter, dat alle handelingen, gedaan met intentie, gevolgen hebben en die gevolgen zijn onontkoombaar. Niets doen is ook een handeling met intentie. Het boeddhisme, en Zen in het bijzonder, houdt zich niet bezig met uitgebreide beschrijvingen van wat goed en fout is, omdat dat in iedere situatie opnieuw moet worden bekeken. Wat goed is, is wat vrij is van een gekwelde geest, d.w.z. vrij van hebzucht, boosheid en misvattingen. Wij moeten zelf zo goed als we kunnen onze geest zuiveren en in iedere situatie doen wat er gedaan moet worden, in het besef dat wij geheel verantwoordelijk zijn voor ons handelen.

Het monastieke leven

In de traditie van de Stille Belichting Meditatie zijn zowel de monastieke als de lekentraining van gelijke waarde. Veel mensen vragen zich af of zij monnik moeten zijn om deze training volledig te kunnen doen. Het is belangrijk om je door die vraag niet te laten afleiden. Ik raad je aan om te ontdekken hoe je kunt mediteren en hoe je steeds dieper kunt gaan als je bereid bent om te veranderen. Door die training zal je de juiste middelen vinden waarmee je je training kunt verdiepen. De noodzaak die we voelen om dieper te gaan in onze training kunnen we gemakkelijk verwarren met het gevoel dat we monnik moeten worden. Maar deze twee dingen zijn niet noodzakelijkerwijs hetzelfde. Het percentage mensen dat intreedt in het klooster is heel klein vergeleken met het aantal dat deze praktijk beoefent in de wereld van gezin, carrière en het zogenaamd normale leven. Geen enkel leven is ‘normaal’; iedereen moet haar of zijn eigen specifieke karmische neigingen omvormen en ieder van ons is uiteindelijk verantwoordelijk voor de weg die we kiezen in het leven. Voor sommigen is het monastieke leven het juiste medicijn, maar dat geldt zeker niet voor iedereen en als het verkeerd wordt toegepast kan het zelfs schade berokkenen. Ieder van ons moet uitzoeken wat het werk is dat hij of zij moet doen in dit leven. Het gaat niet om onze voorkeuren, maar om de vraag hoe we het beste kunnen geven, rekening houdend met onze specifieke talenten en behoeften. Keer op keer kom ik terug op het gegeven om gewoon het werk te doen dat op je weg komt. Zo’n houding heeft een open einde, zoals het leven zelf open is. De weg verschijnt als je jezelf eraan overgeeft en die weg verandert voortdurend.

Eerw. meester Daishin Morgan is abt van Throssel Hole Buddhist Abbey.

Vervolg hoofdstuk 6: Beproefde hulpmiddelen in Zazen