eerw. meester Jisho Perry
De basisinstructie voor de omgang met de geest in de stille belichting (Sōtō Zen) meditatievorm luidt ietwat cryptisch: “Alleen maar zitten zonder opzettelijk denken”. Ik zou graag iets dieper in willen gaan op die leerstelling in de hoop om voor mezelf en ook anderen tot enkele subtiele aanpassingen te komen om de beoefening te verdiepen. De grote zenmeester Dogen zei over meditatie het volgende: “Vergeet het zelfzuchtige zelf voor heel even en laat de geest in zijn natuurlijk staat verkeren, want dat ligt heel dicht bij de Geest die de Weg zoekt”1.